VAART-bericht van: "Simon J. de Waard" <[EMAIL PROTECTED]>

Janneke Bos schreef:

Volgens een medewerker van DGTL die aanwezig was op de RIS-bijeenkomst wordt het voorstel volgende week donderdag in de plenaire vergadering in de tweede kamer behandeld. Ik kan dat echter niet op de agenda van de tweede kamer terugvinden.

Dat klopt, het staat vandaag als stuk nr 65 voor donderdag op de agenda, maar dat is pas de voorlopige agenda. De definitieve agenda wordt vandaag gemaakt en komt maandag in de loop van de ochtend beschikbaar. Dan pas weet je de tijden via www.tweedekamer.nl.

Het is eventueel nog mogelijk om kamervragen te laten stellen door kamerleden 
van de tweede kamer. Worden er geen kamervragen ingediend dan wordt het een 
'hamerstuk'. Als het voorstel de tweede kamer gepasseerd is, gaat het naar de 
eerste kamer. Men verwacht dat de wijzigingen in de wetgeving voor 20 oktober 
2007 in alle wetgeving is ingevoerd.

Het verbaasde mij dat niet iedereen die momenteel binnen de overheid met RIS 
bezig is, van het stuk op de hoogte is. In de volgende RIS-bijeenkomst 
(september?) zou er meer aandacht aan besteed gaan worden. Dan is echter 
waarschijnlijk het stuk al door de tweede kamer...

Ik heb artikel 12 van het voorstel even naast artikel 6 van het privacy reglement van BICS gelegd:


Artikel 12
1. De bevoegde autoriteit geeft slechts inzage in RIS -gegevens of verstrekt deze aan: a. ambtenaren die als toezichthouder belast zijn met het toezicht op de naleving van de Wet bescherming persoonsgegevens en de Scheepvaartverkeerswet voor zover gericht naar
gegevens wordt gevraagd;
b. ambtenaren die belast zijn met de opsporing van strafbare feiten bij of krachtens in artikel
141 van het Wetboek van Strafvordering;
c. ambtenaren aangesteld voor de uitvoering van de politietaak;
d. een verzekeraar als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht indien deze verzekeraar aannemelijk maakt gegevens nodig te hebben voor het behartigen van de belangen van een RIS -gebruiker die bij hem verzekerd is en nadat deze verzekerde daarvoor toestemming
heeft verleend;
e. een advocaat of procureur indien deze aannemelijk maakt de gegevens nodig te hebben voor het behartigen van de belangen van een RIS -gebruiker die zijn cliƫnt is, en f. het Centraal Bureau voor de Statistiek, voor zover hiervoor bij of krachtens een wettelijke
voorschrift een verplichting bestaat.
2. Een verzoek om inzage of verstrekking van gegevens wordt schriftelijk ingediend. 3. Aan de inzage of verstrekking kan de bevoegde autoriteit voorwaarden verbinden. 4. Bij het ter inzage geven of verstrekken van persoonsgegevens worden gegevens van andere
personen voor zover mogelijk anoniem gemaakt.
5. Na inzage of verstrekking van gegevens wordt schriftelijk vastgelegd:
a. de naam van de RIS -gebruiker waarop de gegevens betrekking hebben;
b. de wijze van inzage of verstrekking;
c. het tijdstip;
d. welke gegevens het betrof, en
e. naam en adres van de verzoeker.

Artikel 6 Inzage en verstrekking derden
1. De beheerder weigert derden inzage en verstrekking van de persoonsgegevens, tenzij het betreft: a. een verzoek of vordering van de instanties of personen bedoeld of genoemd in het tweede en derde lid van dit artikel, of
b. het bepaalde in de bijlage omtrent het IVS90.
2. De beheerder geeft inzage in de gegevens of verstrekt deze aan instanties die zich beroepen op een toezichthoudende of opsporingsbevoegdheid dan wel een andere daartoe strekkende wettelijke bevoegdheid, indien grondslag en inhoud van de bevoegdheid kenbaar worden gemaakt en gericht naar gegevens wordt gevraagd. 3. De beheerder kan na afweging van de betrokken belangen inzage geven in de gegevens of deze verstrekken aan: a. de politie indien deze zich beroept op daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die dit behoeven, b. een verzekeringsinstelling indien deze aannemelijk maakt de gegevens nodig te hebben voor het behartigen van de belangen van een betrokkene en betrokkene daarvoor toestemming heeft verleend, of c. een advocaat of procureur indien deze aannemelijk maakt de gegevens nodig te hebben voor het behartigen van de belangen van een betrokkene. 4. Een verzoek om inzage of verstrekking van gegevens wordt schriftelijk ingediend.
5. Aan de inzage of verstrekking kan de beheerder voorwaarden verbinden.
6. Van een persoon die om inzage of verstrekking van de gegevens verzoekt, kan worden verlangd dat deze zich legitimeert. 7. Bij het ter inzage geven of verstrekken van persoonsgegevens worden gegevens van andere personen voor zover mogelijk anoniem gemaakt.
8. Na inzage of verstrekking van gegevens wordt schriftelijk vastgelegd:
a. de naam van de betrokkene,
b. de wijze van inzage of verstrekking,
c. het tijdstip,
d. welke gegevens het betrof, en
e. naam en adres van de verzoeker.

Zoals ik dat nu lees mag de politie bij alle gegevens, indien deze zich beroept op daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die dit behoeven. Er moet volgens het privacy reglement echt gericht naar bepaalde gegevens worden gevraagd, daar moet dus een langs een andere weg gevonden reden voor zijn, zoals dat heet een redelijk vermoeden. In het nieuwe voorstel is dat niet zo, De bevoegde autoriteit geeft zonder meer inzage in all RIS -gegevens of verstrekt deze legaal aan:

b. ambtenaren die belast zijn met de opsporing van strafbare feiten bij of krachtens in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering;


        Artikel 141 Wetboek van Strafvordering:

Met de opsporing van strafbare feiten zijn belast:

*a.*    

de officieren van justitie;

*b.*    

de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder /a/ en /c/, en tweede lid van de Politiewet 1993 <javascript:doExtref(1575152, 2939344)>.

*c.*    

voor de door Onze Minister van Justitie in overeenstemming met Onze Minister van Defensie te bepalen gevallen: de officieren en onderofficieren van de Koninklijke marechaussee en de door Onze voornoemde Ministers aangewezen andere militairen van dat wapen;

*d.*    

de opsporingsambtenaren van de bijzondere opsporingsdiensten, bedoeld in artikel 2 van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten <javascript:doExtref(2048777, 8402004)>.


c. ambtenaren aangesteld voor de uitvoering van de politietaak

Kortom, in c. zit mijns inziens het grootste probleem. Dat zijn alle blauwe petten en witte helmen met blauwe randjes.

In deze bepaling zit de veiligheid - die in het privacy reglement wel zat - niet meer in, ze krijgen volgens deze tekst nu volledig inzage. Je zou het zelfs op grond van deze bepaling automatisch kunnen doen, een eigen scherm voor het KLPD en de Marechaussee. Ik wil maar zeggen. Als ik dat verkeerd zie moeten de deskundigen me maar terugfluiten.

Simon
03011455



* Veiligheid boven sociaal verkeer? www.vaart.nl/peiling
* Het adres voor reacties en nieuwe berichten: [email protected]
* Afmelden op: [EMAIL PROTECTED] met tekst: unsubscribe VAART-L


Antwoord per e-mail aan