VAART-bericht van: Erik van Toor <[EMAIL PROTECTED]> Geachte forumleden,
Na alle berichten over de overgangsbepalingen en de rol die de brancheorganisaties daarin spelen, is het tijd voor feiten. In 2000 werden de Europese organisaties ESO (Europese Schippers Organisatie) en EBU (European Barge Union) geconfronteerd met het besluit van de CCR om op korte termijn de (139) oneindige overgangsbepalingen van het Reglement Onderzoek Schepen op de Rijn spoedig te schrappen. De ESO heeft direct gereageerd en bezwaar gemaakt, omdat afschaffing op korte termijn voor veel bedrijven onoverkomelijk zou zijn. Om het hoofd te bieden aan de ontstane situatie is door het gezamenlijke bedrijfsleven gesteld dat bepalingen die een te grote investering of inspanning vergden zover mogelijk in de tijd zouden worden opgeschoven. Op die manier hebben de ondernemers meer tijd om hun investerings- en reparatiebeslissingen af te stemmen op de nieuwe regelgeving. In de Europese Schippers Organisatie (ESO) zijn ONS en CBOB als Kantoorbonden vertegenwoordigd. Ook ASV en Rijn en IJssel hebben een zetel in de ESO naast de Belgische, Franse en Duitse organisaties. Met uitgebreid onderzoek en het bijbehorende commentaar uit het bedrijfsleven, waarbij de EBU en ESO een belangrijke rol speelden, zijn in november 2003 de termijnen waarop de overgangsbepalingen zouden aflopen vastgesteld. De ASV is als ESO lid van het begin af aan bij dit traject betrokken geweest. Gezien de discussie die nu op het Vaart! forum loopt is het belangrijk te vermelden dat het besluit van de CCR onomkeerbaar was, d.w.z. dat het bedrijfsleven na aandringen wel de kans kreeg om bij te sturen maar dat er geen sprake van was dat het besluit om de overgangsbepalingen af te schaffen teniet zou worden gedaan. We zijn dan ook direct begonnen de achterban in te lichten; ons eerste artikel hierover verscheen in april 2004 in het Magazine Binnenvaart. Niet al onze voorstellen zijn gehonoreerd, maar we hebben er wel voor kunnen zorgen dat er een hardheidsclausule in het reglement is opgenomen. Deze clausule (Art. 24.04 lid 4) houdt in dat wanneer een eis in de praktijk moeilijk uitvoerbaar is of onevenredig hoge kosten met zich meebrengt, de Commissie van Deskundigen afwijkingen van de voorschriften kan toestaan. Er zijn door de bonden een aantal knelpunten gesignaleerd in het toepassen van de overgangsbepalingen. Bij eerste verlenging van het certificaat na 1.1.2010 1) Artikel 3.03, lid 4: Verblijven gasdicht gescheiden van machinekamer en laadruimen 2) Artikel 7.02, lid 5: Gekleurde ruiten in stuurhuizen 3) Artikel 8.05, lid 4: Geen dagtanks boven motoren en/of uitlaten Bij eerste verlenging van het certificaat na 1.1.2015 4) Artikel 3.04, lid 7: Maximum geluidsniveau in machinekamer 110 dB(A) Artikel 7.01, lid 2: Maximum geluidsniveau bij stuurstelling 70 dB(A) Artikel 12.02, lid 5: Maximum geluidsniveau in woonruimten 70 dB(A) 5) Artikel 6.01, lid 7: geen waterverontreiniging door smering roerkoningen Artikel 8.03, lid 5: geen waterverontreiniging door smering schroefassen 6) Artikel 8.05, lid 7: Van dek af bedienbare afsluitinrichting brandstoftank 7) Artikel 11.12 lid 2-6 en 7-10: Kranen Bij eerste verlenging van het certificaat na 1.1.2020 8) Artikel 6.03, lid 1: Gescheiden pijpleidingsysteem voor hydraulische installaties Hiervoor hebben wij oplossingen en alternatieven aangedragen; deze worden door de CCR onderzocht. De brancheorganisaties gaan een gerenomeerd instituut opdracht geven om te onderzoeken hoe het geluid op schepen op een redelijke manier kan worden gereduceerd. Te vaak horen wij dat jonge ondernemers wel een klein schip willen aanschaffen, maar dat zij erg gesteld zijn op het (geluids)comfort zoals op jonge, grote schepen en daar dan ook voor kiezen. Om de continuïteit en verkoopbaarheid van de kleine vloot te kunnen blijven waarborgen is het zeer de moeite waard om dit soort aspecten te onderzoeken. Een individuele ondernemer kan dat niet; samen kunnen we veel. De weg is: eerst onderzoeken of het mogelijk is aan eisen te voldoen en eventueel vervolgens goed beargumenteerd pleiten voor vrijstellingen. De op dit forum geplaatste insinuatie dat de Kantoorbonden geen belang zouden hechten aan de kleinere en oudere schepen raakt kant noch wal. Wij verdedigen de belangen van ál onze leden met grote en kleine, jonge en oude schepen. Echter, wij werken vanuit de gedachte dat oplossingen gevonden worden in dialoog en niet in verdachtmakingen en wantrouwen. Wij zijn overigens blij dat de door ons opgestelde brief over het onderhoud aan de Franse vaarwegen waaraan eerder op het forum werd gerefereerd door de ESO is goedgekeurd en op korte termijn naar president Sarkozy zal worden verzonden. Met vriendelijke groet, Erik van Toor Kantoor Binnenvaart * Stoppen met nieuwbouw >86 m? www.vaart.nl/peiling * Het adres voor reacties en nieuwe berichten: [email protected] * Afmelden op: [EMAIL PROTECTED] met tekst: unsubscribe VAART-L
