VAART-bericht van: "E.van Toor" <[email protected]>
Beste Vaart!-ers
Als één van de CAO onderhandelaars aan werkgeverszijde wordt naar mijn
idee één aspect in uw discussie over Filipijnen en CAO onderbelicht.
In het onderhandelingsakkoord dat werkgevers en werknemers eind 2009
bereikten, is onder het kopje "werkingssfeer" de volgende bepaling
opgenomen:
1. De CAO is van toepassing op alle werkgevers en werknemers in de
binnenscheepvaart. De bepalingen zijn mede van toepassing op werkgevers
die medewerkers ter beschikking stellen en op ter beschikking
gestelde medewerkers. De werkgever aan wie een medewerker ter
beschikking wordt gesteld dient zich ervan te vergewissen dat deze
bepalingen worden nageleefd.
Hier staat dus, dat werkgevers in de binnenvaart verantwoordelijk zijn
voor het belonen en behandelen van ingeleend personeel. Dus ook op
Filipijnen en mensen uit welk land dan ook die op een Nederlands schip
te werk zijn gesteld.
Doordat er niet voldoende werkgevers zijn aangesloten bij een
werkgeversorganisatie, zijn we niet in staat geweest de CAO algemeen van
toepassing te verklaren en om dit artikel onder de werkingssfeer van de
hele bedrijfstak te krijgen. Ik wijs dus de suggestie van de hand dat er
geen aandacht zou zijn voor de arbeidsomstandigheden van buitenlands
personeel.
Daarnaast werd de suggestie gewekt dat de organisaties geen aandacht
hebben gehad voor de tewerkstellingsvergunningen van Bulgaren en Roemenen.
Ook die suggestie wijs ik af. Er is reeds vele malen overleg geweest,
maar de Nederlandse overheid wenst geen uitzonderingspositie te creëren
voor één bedrijfstak.
Overigens is één van de eisen voor het verkrijgen van een TWV dat de
arbeidsomstandigheden en beloning marktconform zijn. Om aan deze eis te
voldoen, wordt meestal gewerkt volgens de laatst geldende CAO en de
laatste loontabellen van 2011.
Het is van groot belang om een gezamenlijke visie te hebben op de
arbeidsmarkt. Ondanks de crisis hebben we te maken gehad met een
gespannen arbeidsmarkt. De vacatures van het dekpersoneel worden vaak
opgevuld met Oost Europeanen en Filipijnen. Dit zijn in potentie niet de
opvolgers die schepen gaan kopen en vaak hebben de mensen ondanks hun
hoge arbeidsmoraal geen ambities om door te stromen naar het beroep van
schipper / eigenaar of kapitein. Mensen met vaarbevoegdheid zijn dan ook
steeds moeilijker te krijgen.
Voor de opvolging en aantrekkelijkheid van de bedrijfstak is het toch
zeer wenselijk dat er een minimaal pakket aan arbeidsvoorwaarden ligt,
geregeld in een algemeen verbindend verklaarde CAO. Als zo'n CAO niet
voor de hele bedrijfstak geldt, ligt concurrentie op arbeidsvoorwaarden
en daarmee kaalslag van het personeel op de loer.
Vanuit de CAO kunnen zaken als pensioenfonds en Onderwijscentrum in
stand worden gehouden. Zonder CAO zijn we geen serieus te nemen bedrijfstak.
Vanuit mijn positie kan ik alleen maar de oproep doen: sluit u aan.
Organiseer u en zorg dat onze mooie bedrijfstak haar potenties kan
benutten. Besef alstublieft dat een belangenorganisatie geen individuele
belangen kan dienen en reken ons daar ook niet op af. De grote lijn is
echter voor iedere individuele ondernemer van net zo groot belang. We
raken gauw verzeild in een kip en ei verhaal.
Een te lage organisatiegraad leidt tot te weinig middelen om effectief
zaken te regelen. Een bedrijfstak krijgt de organisatie die zij verdient.
Met vriendelijke groet,
Erik van Toor
Kantoor Binnenvaart
* Ontmoet je Vaartgenoten op http://www.vaart.nl
* Het adres voor reacties en nieuwe berichten: [email protected]
* Afmelden op: [email protected] met tekst: unsubscribe VAART-L